Banen stapelen

Dat was me een weekje wel, met die stapelbanen van mij. Want behalve (moestuin)moeder ben ik in loondienst bij een woonzorgcentrum, werk ik als freelance tekstschrijfster en sinds kort ook als fotograaf (hoewel ik ’t nog vreemd vind om dat hardop te zeggen…). Je begrijpt dat bloggen over mijn moestuin er een beetje bij inschiet. Want naast die stapelbanen en wasjes draaien, moet er ook geschoffeld, geplant en gezaaid worden. Gelukkig doet dat ook veel goed. Zonder moestuin zou ik al die ballen misschien niet eens in de lucht kunnen houden. Maar omdat ik de laatste tijd ook nog eens meer ben gaan sporten, heeft mijn energiepijl deze week recordhoogten bereikt en vloog ik door al mijn activiteiten heen.

Banen stapelen is iets van de laatste jaren. Steeds meer mensen werken bij meerdere werkgevers of werken naast hun baan in loondienst een paar uur als zzp-er erbij. Soms uit bittere noodzaak, maar vaak ook omdat ze dan doen wat ze leuk vinden. Volgens de cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau (2014) hebben zo’n 500.000 Nederlanders twee banen (combinatiebanen) of combineren ze het werk in een eigen bedrijf met een baan in loondienst (hybride banen). Ondertussen zijn het er vast nog meer. Zolang het je eigen keuze kan zijn, is daar denk ik niks mis mee, maar het wordt een ander verhaal als je het moet doen om je hoofd – en dat van je gezin – boven water moet houden.

Bij mij vloeiden mijn freelance werkzaamheden ook voort uit mijn hobby’s, waardoor het vaak niet voelt als werken. Het biedt mij dan ook veel voordelen: ik heb veel afwisseling, toch een vast salaris in loondienst en de vrijheid om mijn werk en uren zelf in te delen. De keerzijde is ook dat je bijna nooit echt het gevoel hebt om vrij te zijn. Nog even wat foto’s bewerken, nog een paar mailboxen nalopen voordat het weekend is. Je moet er zelf de rem op kunnen zetten, wat mij de ene dag beter lukt dan de andere. Maar het geeft mij wel de mogelijkheid om in alle vroegte eerst een uurtje te schoffelen voordat ik achter mijn computer kruip. En dat is echt heerlijk!

Voor nu moeten jullie het doen met slechts een foto van mijn moestuin. Als er een klein dipje in mijn werk zit, dan stort ik mij weer op mijn blog! Fijn weekend!

© Susan Lambeck

 

Advertenties

Blue Zones

omslag-blauwEen tijdje geleden hoorde ik over de Blue Zones: vijf gebieden op de wereld waar de meeste honderdjarigen wonen. De leefstijl van deze bewoners maakt dat ze zo oud worden, is de bewering. Ook wordt gezegd dat zo’n tachtig procent van je gezondheid door je leefstijl wordt bepaald. Kortom, door gezond en gelukkig te leven zouden we allemaal oud kunnen worden. Of is dat te mooi om waar te zijn?

Gisteren vierden we de 95ste verjaardag van mijn opa. Hoewel zijn gezondheid hem langzaam in de steek begint te laten, wandelt hij nog een beetje, eet hij braaf zijn groente, fruit en walnoten en drinkt hij nog graag een glaasje rode wijn. Net als de mensen uit de Blue Zones eigenlijk. Als we allemaal wat meer bewegen en gezonder eten, kunnen we dan allemaal honderd worden, vroeg ik mij af. Of is er ergens nog een selectiemechanisme waar je niet tegenop kunt?

Ik kwam terecht op de website van de Blue Zones, waar je inspirerende artikelen kunt lezen over de Griekse eilandbewoners die elke middag een dutje doen, de Japanners die heel veel groente en zeewier eten en de leden van de Zevende Dag Adventisten in Californië wiens geloof en gezonde leefstijl leidt tot een lang en gelukkig leven. Bewegen, tuinieren, gezond eten, genoeg slapen en genieten van je vriendschappen en liefdes zijn de toverwoorden die je overal terugziet. In Japan hechten ze ook nog eens veel belang aan de Ikigai, zeg maar: de reden waarom je elke morgen uit je bed komt. Je raison d’être. Als fitte moestuinmoeder zou ik wel hoog moeten scoren, met al mijn geschoffel, leuk werk, gezond eten en lieve vrienden. Toch?

Nou, dat had ik gedacht. Ik deed de test op Blue Zones en bekeek met verbazing de resultaten. Op basis van de ingevulde vragen zou ik namelijk 77 jaar worden. Bij lange na mijn opa dus niet achterna. Maar niet getreurd, door meer fruit, bonen, granen, noten en groente te eten zou ik toch ruim 90 jaar kunnen worden, zo luidde het advies. En het venijn zat ook nog eens in de staart van mijn testresultaat: ik ga nooit naar de kerk en drinkt op het moment heel weinig wijn, terwijl bezinning en dagelijks een glas rode wijn je leven kunnen verlengen. Ik denk dat ik wat vaker een glas wijn moet drinken met mijn vrienden. Ach, er zijn ergere dingen…