De omgekeerde werkweek

Handschoenen in de kasIn de afgelopen jaren heb ik mezelf met enige regelmaat afgevraagd wat ik nog wilde bereiken in mijn werkzame leven. Wat is mijn ambitie? Wil ik nog een opleiding volgen? Mezelf ontwikkelen tot een ander beroep? Ik bleef maar een beetje rondtollen in mijn eigen gedachten en wist het niet zo goed meer. Hoewel ik er nu nog niet precies uit ben, ben ik wel een stap verder gekomen. Zeker na het lezen van het boek De omgekeerde werkweek. (Het boek is alweer twee jaar geleden verschenen, maar ik had er nu pas tijd voor…)

Op de cover van De omgekeerde werkweek pronkt de aantrekkelijke subtitel: 2 dagen werken, 5 dagen weekend. Ik volg schrijver Gerhard Hormann al wat langer en dit is niet het eerste boek dat ik van hem las. Ik weet dus ongeveer hoe hij tot die zogenaamde omgekeerde werkweek is gekomen: door stevig te consuminderen, of zeg maar gerust te besparen. Geen dure vakanties, geen geldverslindende auto en geen nieuwe kleren. Door de broekriem letterlijk aan te trekken loste Hormann een groot deel van zijn hypotheek af en werken hij en z’n vrouw nog ongeveer twee dagen per week. Een utopie of echt mogelijk, dat hangt natuurlijk van ieders situatie af.

Het boek leest als een trein en bevat veel meer dan de discussie over de gemiddelde werkweek of het bestedingspatroon van Hormann. Een van de passages die mij als parttime werkende vrouw aansprak, is die over het financieel zelfstandig zijn. Sinds ik in mijn carrière overspannen werd, mijn baan verloor en daardoor ging twijfelen aan mezelf, heb ik er namelijk bewust voor gekozen om minder te werken. Ik kan simpelweg het moordende tempo niet meer aan. Maar als ik zeg dat ik slechts tien uur in loondienst werk, krijg ik toch wel eens wat meewarige blikken toegeworpen (of denk ik ze te ontvangen?). Ik hoor mezelf keer op keer uitleggen waarom ik deze keuzes maak. “Maar ik werk ook nog freelance hoor, en ik heb een grote moestuin…”

Inderdaad, ik ben niet financieel zelfstandig, maar moet dat dan? Zoals Hormann zegt is de kans op een scheiding misschien wel veel kleiner als een van de partners wat minder werkt, of zelfs beiden! Zo houdt je immers tijd en energie over om in je gelukkige relatie te stoppen. Een gedachte om eens te laten bezinken.

Terug naar het woord waarmee ik begon: ambitie. Ik kan nu met meer overtuiging zeggen dat ik voor die korte werkweek kies, waarnaast ik mezelf als evenwichtig mens verder kan blijven ontwikkelen. In mijn werk, maar ook in mijn hobby’s, relatie en vriendschappen. Door er voor vrienden en familie te zijn. Zo streng als Hormann zijn huishoudpotje bewaakt, ben ik niet. Maar voor die omgekeerde werkweek kan ik een heleboel laten en krijg ik er een onbetaalbare rust voor terug!

Dit is geen gesponsorde content, ik ben echt fan van dit boek!

 

Advertenties

Spullen-tsunami

Vorig jaar was ik in China, het land waar steeds meer van onze goedkope spullen vandaan komen. Ik keek mijn ogen uit in de winkels: hoeveel plastic, glimmende en felgekleurde artikelen konden mijn ogen aan? Maar ook wij gingen overstag en gingen naar huis met goedkope Allstars, powerbanks en Bose speakers.

We draaien onze eigen economie de nek om, met onze wekelijkse gang naar goedkope winkels als Action, Xenos en Big Bazaar, zo luidde gisteren de boodschap in het nieuwe VPRO-programma Prijsvechter. Een onophoudelijke stroom aan snuisterijen bevolkt de Nederlandse vensterbanken. Een mevrouw in het programma liet trots haar gezellige interieur zien, bomvol houten hartjes, planken met spreuken, kandelaars en kussentjes. Zonder de Action zou ze niet rond kunnen komen. Een spullen-tsunami was het.

Tegelijkertijd is er een groep minimalisten die druk bezig is met ontspullen. Does it spark joy? Nee? Dan weg ermee. Vanmorgen las ik dat er steeds meer kringloopwinkels bij komen in ons land. Niet zo verwonderlijk, want ergens moet die stroom aan gezellige, overbodige spullen weer naartoe. Mensen willen iets nieuws of een leger huis. Maar als die leuke waxinelichthouders nieuw in de winkel al spotgoedkoop zijn, kopen mensen het dan nog bij de kringloopwinkel? En wat gebeurt er dan met alles wat uiteindelijk door niemand meer gekocht wordt?

Fotograaf Michael Wong kreeg internationale roem met zijn foto’s van Chinese speelgoedfabrieken. Ik ben een groot fan van zijn werk. Chinezen maken ellenlange dagen om tegen een uurloon van anderhalve euro goedkoop speelgoed te maken. Met de kaarsenhouders en kussenhoesjes gaat het vast niet veel beter. De kringloop van goedkope spullen buitelt eerst als een tsunami onze huiskamers binnen, om via de kringloopwinkels en de vuilnisbak ons weer te verlaten. Op naar de afvalberg.

De Chinese powerbank die we op vakantie kochten, is al overleden, de goedkope Allstars zitten inmiddels met lijm aan elkaar en de speaker is in de la beland. Alleen de Chinese krijger houdt z’n hoofd nog geheven. De enige winnaar van deze spullenkringloop is de Chinese economie.

© Susan Lambeck

Souvenirs uit China, Rusland en, oeps, de Xenos!