Fast Fashion

on

Ik had nog nooit van deze nieuwe term gehoord: fast fashion. Naast fast food is namelijk ook de modewereld steeds meer een snelle weggooi-wereld geworden. Natuurlijk zie ik ook wel om mij heen wat er gebeurt en had ik wel eens gelezen dat een enorme berg (meer dan twee miljoen nieuwe kledingstukken!) kleding elk jaar onverkocht vernietigd wordt. Onbegrijpelijk. Gewoon goede spullen die op de afvalberg belanden. Maar wat ik deze week zag in de documentaire The True Cost zette mij behoorlijk aan het denken. De docu is al twee jaar oud en stond al een tijdje op mijn Netflix-account in de rij te wachten. Gisteren werd uiteindelijk mijn netvlies overspoeld met arme fabrieksarbeiders in Bangladesh, bergen textiel vol chemicaliën, maar ook Amerikaanse katoenboeren die ziek worden van de pesticiden waarmee generaties lang hun land bewerkt is. Allemaal voor de enorme vervuilende industrie die mode omvat. Ik vond het onthutsend.

Vandaag liep ik met een goede vriendin na een heerlijke lunch in de stad nog een paar mooie kledingzaken binnen. Heerlijk warme vesten, mooie glanzende jurkjes. Bent u al aan het shoppen voor de feestdagen? hoorde ik vanuit een hoek van de winkel. Mijn handen gleden langs de prachtige stoffen, maar bleven nergens hangen. Hoe zijn deze truitjes en broeken gemaakt? Door wie? En hoeveel chemicaliën zijn eraan te pas gekomen die nu moeder Aarde instromen of invloed hebben op een van onze grootste organen, je huid? Na een gezellige ochtend en een goed gesprek met mijn vriendin ging ik licht en met een lege tas naar huis. De film heeft mij lam geslagen als het om het kopen van kleding gaat.

Al van jongs af aan vind ik het heerlijk om af en toe mezelf in het nieuw te steken. Dat mag ook gewoon een fijne spijkerbroek zijn, want ik ga nogal praktisch en doorsnee door het leven. Maar de laatste jaren ben ik wel steeds bewuster gaan kopen: heb ik het wel nodig? Past het bij mij? Want ik heb mij voorgenomen om mij niets meer aan te laten smeren. Kleding moet zo fijn zijn dat ik het elke dag wil dragen, tot het op de draad is versleten. Vorig jaar kon ik zonder problemen  een heel jaar niet shoppen. Kijk maar eens in je eigen kast: je kunt er gerust een jaar mee doen. Ook koop ik graag iets tweedehands bij bijvoorbeeld Reshare of doe ik aan kledingruil. Maar, ik ben geen heilig boontje, dus ik maak mij vast ook wel eens schuldig aan een jurkje uit Bangladesh. Ik heb bedacht dat het wel beter moet kunnen.

Om te zien hoe duurzaam mijn favoriete kledingmerken zijn, heb ik ze deze week opgezocht op Rank a Brand. Op deze website kun je van heel veel merken lezen hoe duurzaam ze zijn. Helaas was er bij mijn geliefde merken nog geen informatie te vinden. Ik zal dus verder moeten zoeken. Tot die tijd neus ik nog eens rond in mijn eigen kledingkast. En heel misschien plak ik er wel weer zo’n niet-winkeljaar achteraan. Dan heb je pas echt slow fashion!

Advertenties

Één reactie Voeg uw reactie toe

  1. Janine schreef:

    Ik had precies dezelfde reactie na het kijken van die film. Nu, een jaar later, heeft het me nog steeds niet losgelaten en voel ik me helemaal heppie in mijn duurzame (lees: langgedragen) gaderobe. En als ik in een stad ben, overspoelt me elke keer weer de waanzin van al die winkels met volle rekken kleding. Hoop dat steeds meer mensen inzien dat ons gedrag moet veranderen voor een andere wereld.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s